- Faciliteiten
-
Artikel 37. Topsporters
Artikel 38. Studenten met een functiebeperking
Artikel 38bis. Studenten met een functiebeperking en in bijzondere psychosociale omstandigheden
Artikel 39. Werken en studeren
Artikel 37. Topsporters
Topsportstudenten kunnen beroep doen op faciliteiten nadat zij het statuut van topsportstudent verkregen hebben. Een student die in aanmerking wil komen voor dit statuut behoort tot een van de volgende categorieën:
· erkend atleet zijn bij het Belgisch Olympisch en Interfederaal comité (BOIC), het Vlaams Bureau Topsport (VBT-BLOSO) of de Vlaamse Sportfederatie (VSF);
· speler zijn bij een ploeg uit de hoogste afdeling of als beloftevolle atleet erkend worden in lagere reeksen (voetbal t.e.m. 1e ploeg 3e nationale, andere sporttakken t.e.m. 2e hoogste afdeling);
· geselecteerd zijn voor een nationale juniores- of seniorenploeg;
· in een individuele sport erkend zijn door de nationale trainer of bond als beloftevolle atleet.Deze studenten kunnen beroep doen op faciliteiten ingevolge de procedures die je hier terugvindt.
Artikel 38. Studenten met een functiebeperking
Een student met functiebeperking is een student die kan belemmerd worden in het studeren door:
· visuele beperkingen (blindheid, slechtziendheid);
· auditieve beperkingen (doofheid, slechthorendheid);
· motorische beperkingen (verlamming ledematen, zwakke spraakmotoriek, verlaagd spierrendement, …);
· chronische ziekte (diabetes, chronisch vermoeidheidssyndroom, pijnstoornissen, epilepsie, astma, allergie, …);
· leerstoornis (dyslexie, dyscalculie, …);
· studenten met een psychiatrische functiebeperking (depressie, angst, eetstoornis, slaapstoornis, psychosen, autisme, ADHD, …);
· studenten met een meervoudige functiebeperking;
· overige aandoeningen.Deze studenten kunnen beroep doen op faciliteiten ingevolge de procedures die je hier terugvindt.
Artikel 38bis. Studenten met een functiebeperking en in bijzondere psychosociale omstandigheden
Studenten kunnen faciliteiten krijgen omwille van bijzondere psychosociale omstandigheden. Deze faciliteiten worden toegekend indien de student kan aantonen dat hij onder een van volgende categorieën valt:
· werkstudent: de student combineert zijn studie met een job, maar is ingeschreven voor minder dan 80 werkuren per maand. De student dient zijn situatie te staven met een werkovereenkomst.
· gezinszorg: de student combineert zijn studie met een gezin, of dient in te staan voor de zorg van een of meerdere ouders/voogdes. De student dient deze situatie te bewijzen aan de hand van een bewijs van gezinssamenstelling of attest van de huisarts.
· alleenstaande student: de student dient in eigen onderhoud te voorzien en financiert zijn eigen studies. Dit dient aangetoond te worden door een bewijs van vervangingsinkomen.
· overige: het leren van de student wordt gehinderd door geen van bovenstaande oorzaken. De studentenbegeleider bekijkt samen met de student of deze in aanmerking komt voor faciliteiten op basis van bijzondere psychosociale omstandigheden. De situatie van de student dient steeds te worden aangetoond door documenten gevraagd door de studentenbegeleider.Deze studenten kunnen beroep doen op faciliteiten ingevolge de procedures die je hier terugvindt.
Artikel 39. Werken en studeren
De PHL voorziet ook faciliteiten voor studenten die werken en hun job met een opleiding willen combineren. Dit kan zowel voor werknemers als voor zelfstandigen. Om in aanmerking te komen voor het statuut werkstudent, dient de student aan volgende voorwaarden te voldoen:
· de student dient minstens 80u/maand te werken;
· de student mag niet reeds in het bezit zijn van een tweede cyclusdiploma of masterdiploma;
· de student dient ingeschreven te worden in een werktraject.Studentenjobs komen bijgevolg niet in aanmerking.