- Basisopleidingen
-
Artikel 28. Studiegeld voor studenten met een diploma- of creditcontract
Artikel 28bis. Studiegeld voor studenten met een examencontract
Art. 28ter. Studiegeld voor studenten met een combinatie van diploma- en/of creditcontract met examencontractArtikel 28. Studiegeld voor studenten met een diploma- of creditcontract
§1. Algemene principes
Naast de klassieke inschrijving voor één opleiding kan je ook kiezen voor een inschrijving voor een of meer opleidingen en/of voor een of meer opleidingsonderdelen in eenzelfde academiejaar.Voorbeelden van een dergelijke combinatie:
- bachelor- + bacheloropleiding
- bachelor- + masteropleiding
- voorbereidingsprogramma + masteropleiding
- schakelprogramma + masteropleiding
- een bacheloropleiding + een of meer afzonderlijke opleidingsonderdelen
- bachelor- of masteropleiding + specifieke lerarenopleidingAls je een diploma- of creditcontract afsluit, bestaat je studiegeld uit:
- een vast gedeelte (forfaitair bedrag)
- een variabel gedeelte (pro rata het aantal studiepunten waarvoor je inschrijft)Het vast gedeelte ben je slechts éénmaal per academiejaar verschuldigd ongeacht het aantal inschrijvingen tijdens eenzelfde academiejaar. Wil je onder diploma- of creditcontract in eenzelfde academiejaar aan de PHL meerdere inschrijvingen nemen, dan ben je slechts éénmaal het forfaitair bedrag verschuldigd: voor de berekening van het studiegeld wordt je inschrijving als één inschrijving beschouwd.
Voorbeeld:
Je schrijft je in voor een schakelprogramma van 30 studiepunten en voor 38 studiepunten van een masteropleiding: voor de berekening van je studiegeld neem je een inschrijving voor 68 studiepunten. De regeling van meer dan 66 studiepunten is dan op jou van toepassing.Op deze regel bestaan enkele uitzonderingen:
- meerdere inschrijvingen door een beursstudent worden niet als één inschrijving beschouwd (zie verder)
- meerdere inschrijvingen voor een banaba worden evenmin als één inschrijving beschouwd: zowel de combinatie banaba + basisopleiding, als de combinatie van twee banaba's wordt dus als twee afzonderlijke inschrijvingen beschouwd (zie ook verder)De omvang van het vast en variabel gedeelte per studiepunt (of het al dan niet verschuldigd zijn ervan) is afhankelijk van:
- de omvang van je programma waarvoor je inschrijft: ten hoogste 53 studiepunten, dan wel tussen 54 en 66 studiepunten, of meer dan 66 studiepunten;
- je statuut als student: niet-beursgerechtigde student, bijna-beursstudent of beursstudent. Studenten met een creditcontract kunnen nooit aanspraak maken op een beurs.Voor de academische initiële lerarenopleiding (aggregatie beeldende kunst) gelden dezelfde regels als voor de basisopleidingen.
§2. Wat betekent een en ander concreet?
Ben je een niet-beursstudent met een diploma- of creditcontract dan betaal je een forfaitair bedrag (vast deel) dat, afhankelijk van de omvang van je programma, al dan niet wordt aangevuld met een variabel bedrag in functie van het aantal studiepunten:Vast deel
Variabel deel
Minder dan 54 SP
61,80 euro
8,4 euro per SP
Tussen 54 en 66 SP
567,80 euro
/
Meer dan 66 SP
567,80 euro
2,80 euro per SP vanaf het 67ste SP
SP = studiepunt
Ben je een bijna-beursstudent met een diploma- of creditcontract dan bedraagt je studiegeld 2/3 van de bedragen die niet-beursstudenten verschuldigd zijn:
Vast deel
Variabel deel
Minder dan 54 SP
41,30 euro
5,60 euro per SP
Tussen 54 en 66 SP
378,60 euro
/
Meer dan 66 SP
378,60 euro
2,20 euro per SP vanaf het 67ste SP
Ben je een beursstudent dan betaal je enkel een vast gedeelte en geen variabel gedeelte:
Vast deel
Variabel deel
Minder dan 54 SP
55 euro
/
Tussen 54 en 66 SP
100 euro
/
Meer dan 66 SP (*)
(*) Beursstudenten die meer dan 66 SP opnemen worden beschouwd als studenten met meer dan één inschrijving.
Zie regeling meerdere inschrijvingen *
/
* Als uitzondering op de regel worden meerdere inschrijvingen door een beursstudent niet beschouwd als één inschrijving en worden de betreffende studiepunten niet samengeteld:
Vast deel
Variabel deel
Meer inschrijvingen van telkens minder dan 54 SP
55 euro per inschrijving
/
Meer inschrijvingen waarvan min. één voor meer dan 54 SP
100 euro + 55 euro per bijkomende inschrijving
/
§3. Bijzondere situaties
Studiegeld voor buitenlandse studenten die niet behoren tot de Europese Economische ruimte.
Binnen de PHL wensen we geen onderscheid te maken in het studiegeld van de studenten buiten de EER indien deze studenten de bovengrens van 2 % van het totaal aantal ingeschreven studenten niet overschrijden.Sociale maatregelen
Het studiegeld voor de minvermogende student wordt niet verlaagd behoudens voor de minvermogende student die inschrijft voor een banaba en van wie de aanvraag tot vermindering van het studiegeld wordt goedgekeurd.
Andere tegemoetkomingen en afbetalingsregelingen voor studenten gebeuren desgevallend door de vzw Socius.Studiegeld voor trisstudenten
Studenten die na het toelatingsonderzoek toegelaten worden tot de opleiding en nog beschikken over voldoende leerkrediet betalen geen verhoogd inschrijfgeld voor de opleidingsonderdelen waarvoor ze in een trissituatie zijn terechtgekomen.Studiegeld bij ontoereikend leerkrediet
Indien je bij jouw inschrijving niet meer beschikt over voldoende leerkrediet en wordt toegelaten tot een opleiding betaal je het decretaal bepaalde maximumbedrag aan studiegeld voor het gedeelte van de studiepunten waarvoor je niet meer over leerkrediet beschikt.
Na onderzoek van je dossier is het uitzonderlijk mogelijk dat het diensthoofd studentenadministratie beslist om af te zien van deze verhoging.
§4. Terugbetaling studiegeld
Uitschrijving vóór 21 oktober 2009
Indien je uitschrijft vóór deze datum wordt 75 % van je voorschot op je studiegeld terugbetaald, ook als de uitschrijving gebeurt vóór de start van het academiejaar.
Voor opleidingen die op een later tijdstip starten dan het begin van het academiejaar geldt eenzelfde regeling, met dien verstande dat de dertigste dag na de startdatum van de opleiding als referentiepunt wordt genomen.Uitschrijving na 21 oktober 2009
Indien je uitschrijft na 21 oktober 2009 gebeurt er een herberekening van het verschuldigde studiegeld a rato van het aantal ingeschreven lesmaanden. In een academiejaar zijn er 9 lesmaanden. Je ontvangt dan nog een terugbetaling of een betalingsvordering voor het verschuldigde bedrag.Artikel 28bis. Studiegeld voor studenten met een examencontract
Als je inschrijft met een examencontract bestaat je studiegeld eveneens uit:
- een vast gedeelte (forfaitair bedrag)
- een variabel gedeelte (pro rata het aantal studiepunten waarvoor je inschrijft)De omvang van het vast en variabel gedeelte van je studiegeld is echter niet afhankelijk van het aantal opgenomen studiepunten en evenmin van je beursstatuut. Als student met een examencontract kan je immers nooit aanspraak maken op een studietoelage of beurs.
Vast deel
Variabel deel
Ongeacht volume inschrijfprogramma en ongeacht beursstatuut
56,20 euro
3,40 euro
Je kan ook gelijktijdig een inschrijving nemen onder een diploma- en/of creditcontract én onder een examencontract. In dat geval betaal je:§1. Als niet-beursstudent of als bijna-beursstudent:
Vast deel
Variabel deel
Minder dan 54 SP
Zowel voor niet- als bijna-beursstudenten:
61,80 euro (vast deel dipl.contract) + 56,20 euro (vast deel examencontract)
Zowel voor niet- als bijna-beursstudenten:
8,40 euro per SP (ingeschreven onder dipl. of creditcontract) + 3,40 euro per SP onder examencontract
Vanaf 54 SP
Voor niet-beursstudenten:
567,80 euro + 56,20 euro voor het examencontract
Voor bijna-beursstudenten:
378,60 euro + 56,20 euro voor het examencontract
Zowel voor niet- als bijna-beursstudenten:
3,40 euro per SP onder examencontract
§2. Als beursstudent:
Vast deel
Variabel deel
Minder dan 54 SP
55 euro + 56,20 euro voor het examencontract
3,40 euro per SP onder examencontract
Tussen 54 en 66 SP
100 euro+ 56,20 euro voor het examencontract
3,40 euro per SP onder examencontract