- Afdeling 4. Rechten van de hogeschool op werken van de student
-
Artikel 22. Hogeschoolbrede regeling
Zolang de student verbonden is aan de hogeschool verleent hij aan de hogeschool een niet-exclusief gebruiksrecht op werken die door hem worden gemaakt in het kader van een opdracht voor de hogeschool. De hogeschool kan deze werken gebruiken voor niet-commerciële doeleinden zoals:- opname van het werk in een bloemlezing, databank, brochure, tentoonstelling, …;
- de verveelvoudiging van het werk via geluids- en/of beelddragers en de openbaarmaking, verspreiding en exploitatie van deze verveelvoudigingen via bv. website, brochures, kaarten, …;
- archivering van werken;
- ter beschikking stellen van één of meer exemplaren van werken (in papiervorm, op cd-rom of gelijkaardige dragers) in de bibliotheek.
Elke student staat een exemplaar van zijn eindwerk af aan de hogeschool, en dit onbeperkt in de tijd.
Artikel 23. Regeling specifiek voor dpt. PHL-Arts and Architecture
Het departement kan tot maximum 3 jaar na het afstuderen van de student één werk in bewaring houden en gebruiken voor tentoonstellingen of verhuring. De student draagt hiertoe het exclusief gebruiksrecht tijdelijk over aan de hogeschool.Elk werk blijft te allen tijde eigendom van de student, met uitzondering van de werken die in meerdere oplagen of exemplaren worden gemaakt; daarvan wordt één exemplaar in eigendom aan de hogeschool overgedragen.