- Afdeling 2. Plichten van de studenten
-
Artikel 6. Aanwezig zijn
Artikel 6bis. Aanwezig zijn tijdens de examens
Artikel 7. Plichten i.v.m. veiligheid
Artikel 8. Zorg voor infrastructuur
Artikel 9. Respecteren van het rookverbod
Artikel 10. Respecteren van het parkeerverbod
Artikel 11. Restaurants en cafetaria
Artikel 12. Raadplegen van berichten
Artikel 13. Toezien op persoonlijke goederen
Artikel 14. Respecteren van het copyright
Artikel 15. Gebruik van software, internet en e-mail
Artikel 16. Deelname studentenenquêtes
Artikel 17. Verbod gebruik GSM en laptop tijdens examens
Artikel 18. Studenten van dpt. PHL-Healthcare: omgaan met medicatie in praktijklokalen en skillslab
Artikel 18bis. Specifieke leefregels in dpt. PHL-Business
Je moet in principe alle georganiseerde onderwijs- en studieactiviteiten volgen, tenzij je vrijstellingen of faciliteiten hebt verkregen. De leden van het onderwijzend personeel kunnen aanwezigheidscontroles uitvoeren.
Artikel 6. Aanwezig zijn
Indien een docent na een kwartier niet verschijnt, wordt dit doorgegeven aan het departementaal secretariaat dat contact opneemt met de betrokken docent. Zonder enige berichtgeving vanwege de betrokken docent is de verdere afwezigheid van de student gewettigd (principe ‘academisch kwartier’).
Behalve in geval van overmacht (bv. zware verkeersmoeilijkheden, stakingen, extreme weersomstandigheden), word je als laatkomer niet meer tot het leslokaal toegelaten.
Artikel 6bis. Aanwezig zijn tijdens de examens
§1. Melding en bewijs van afwezigheden
Indien je afwezig bent op een examen, dien je dit de eerste dag van je afwezigheid te melden aan de dienst studentenadministratie.
De dienst studentenadministratie zal dan voor jou de examenombuds en het departementshoofd of de opleidingscoördinator verwittigen.
Is de reden van afwezigheid vooraf gekend, dan dien je de dienst studentenadministratie ook vooraf in te lichten.
Je dient de nodige bewijsstukken op de dienst studentenadministratie (van jouw campus) binnen te brengen binnen de vier werkdagen na de dag van je gemiste examen en in elk geval vóór de deliberatie.
Medische attesten dienen uitgeschreven te zijn op de eerste dag van afwezigheid.
Wie verzuimt de bewijsstukken tijdig te bezorgen, is ongewettigd afwezig en verliest de desbetreffende examenkans.§2. Afwezigheid tijdens permanente evaluatie
Voor gewettigde afwezigheden tijdens permanente evaluatie gelden specifieke regels die je terugvindt in het departementale luik achteraan de examenregeling of bij de gedetailleerde beschrijving van de opleidingsonderdelen per opleiding (de zgn. ECTS-fiches).
Indien vastgesteld wordt dat je herhaaldelijk ongewettigd afwezig bent op de onderwijsactiviteiten (die al dan niet individuele prestaties of opdrachten veronderstellen, of permanent geëvalueerd worden) of tijdens (deel)examens, dan kan de hogeschool je een aangetekend schrijven sturen met het verzoek:
- de ongewettigde afwezigheden alsnog te verantwoorden;
- ofwel je uit te schrijven;
- ofwel een verklaring te bezorgen dat je opnieuw aanwezig zal zijn en op die manier voldoet aan de plicht om deel te nemen aan alle georganiseerde onderwijs- en examenactiviteiten (voor zover dat laatste nog mogelijk is).
Als je bij het verstrijken van een termijn van 14 dagen na verzending van het aangetekende schrijven niet op bevredigende wijze hebt geantwoord, dan kan de hogeschool je ambtshalve uitschrijven.Artikel 7. Plichten i.v.m. veiligheid
§1. Algemeen
Bij ernstig gevaar contacteer je onmiddellijk de dienst studentenadministratie.
Bij ontruimingsalarm moet je:
- alle toestellen uitschakelen;
- deuren en vensters sluiten;
- het gebouw onmiddellijk verlaten;
- de lift vermijden;
- de bevelen van de verantwoordelijke begeleiders nauwkeurig opvolgen;
- kalm blijven om paniek te voorkomen;
- naar de verzamelplaats komen;
- eventuele vermiste personen aan de begeleiders doorgeven.
Indien je geen antwoord krijgt op het studentensecretariaat, ben je verplicht onmiddellijk te handelen in de mate van je mogelijkheden: alarm slaan zodat de activiteiten in het gebouw stopgezet worden en de zone verlaten wordt, aangewezen beschermingsmaatregelen treffen, eventueel externe hulpdiensten waarschuwen (brandweer en ambulance), …
Iedere student die een gebrek vaststelt, is verplicht dit onmiddellijk te melden aan het studentensecretariaat waar meldingsformulieren beschikbaar zijn. De ingevulde formulieren zullen ook daar worden verzameld. De veiligheidscoördinator staat in voor de dagelijkse opvolging van de meldingsformulieren.§2. Studenten Beeldende kunst
Als student Beeldende kunst ben je verplicht de bepalingen van het veiligheidsboekje, je overhandigd bij de inschrijving, na te leven.§3. Studenten Architectuur
Als student van de opleiding Architectuur dien je het atelierreglement na te leven.
Om deel te kunnen nemen aan werfbezoeken, moet je in het bezit zijn van het werfreglement, als er een is. Je tekent voor ontvangst van het reglement. Je moet ook gebruik maken van de verplichte veiligheidsmaterialen (schoenen, helm).
Artikel 8. Zorg voor infrastructuur
Als student gebruik je de infrastructuur met de nodige zorg. In de leslokalen mag niet gegeten of gedronken worden. Je bent verantwoordelijk voor de door jou toegebrachte schade; je bent daarom verplicht die te vergoeden. Bovendien kunnen je nog tuchtstraffen worden opgelegd.
Artikel 9. Respecteren van het rookverbod
Sinds 1 september 1987 is het bij Koninklijk Besluit van 31 maart 1987 verboden te roken in de hogeschool. Roken is slechts toegelaten in de daarvoor voorziene ruimten. Aan studenten die deze verplichting niet naleven, kan een tuchtsanctie worden opgelegd.
Artikel 10. Respecteren van het parkeerverbod
Sommige parkeerplaatsen op de campus zijn voorbehouden plaatsen; je dient het parkeerverbod dat daar geldt, te respecteren. Aan studenten die deze verplichting niet naleven, kan een tuchtsanctie worden opgelegd.
Artikel 11. Restaurants en cafetaria
Eten en drinken is enkel toegelaten in de daartoe voorziene plaatsen en ruimten. Je dient altijd de tafels in het restaurant en de cafetaria na gebruik af te ruimen. Aan studenten die deze verplichting niet naleven, kan een tuchtsanctie worden opgelegd.
Artikel 12. Raadplegen van berichten
Als PHL-student dien je geregeld de berichten te raadplegen die ad valvas worden uitgehangen of die op de elektronische platforms worden verspreid (Epos,Blackboard). E-mailberichten worden altijd verzonden naar het PHL-adres (met de structuur voornaam.naam@mail.phl.be) dat iedere student bij inschrijving toegewezen krijgt. Je wordt geacht je mailbox geregeld te raadplegen (dagelijks). Je dient ook steeds te voorzien dat er voldoende ruimte beschikbaar is in je mailbox.
Je wordt ook geacht om wekelijks binnen EPOS je individueel studentvolgsysteem (SVS) te consulteren. Het SVS heeft als doel je eigen studievoortgang op te volgen en te bevorderen, dit met ondersteuning van de studentenbegeleider en de lector of docent.
Alle andere mededelingen, affiches, e.a. van de studenten of andere personen of organisaties dienen vooraf goedkeuring te krijgen via het studentensecretariaat.
Artikel 13. Toezien op persoonlijke goederen
De onderwijsinstelling is niet verantwoordelijk voor verlies of diefstal van persoonlijke goederen. Je moet in dit verband zelf de nodige voorzorgen nemen.
Artikel 14. Respecteren van het copyright
Het kopiëren van handboeken is verboden. Aan studenten die deze verplichting niet naleven, kan een tuchtsanctie worden opgelegd.
Artikel 15. Gebruik van software, internet en e-mail
§1. Software
De software die door de PHL ter beschikking wordt gesteld van de studenten, mag alleen door de student zelf gebruikt worden, en uitsluitend voor doelen die verband houden met de opleiding. Het kopiëren van die software is verboden.
Het is ook verboden vreemde software te installeren of te downloaden op toestellen die eigendom zijn van de PHL.
Ook het gebruik van internet en e-mail is beperkt tot opleidinggebonden doeleinden.
§2. Policy communicatie en informatiebeleid voor studenten
Doel en toepassingsgebied gedragslijn (policy) inzake gebruik ICT
De Provinciale Hogeschool Limburg (PHL) stelt heel wat ICT en andere communicatiemiddelen ter beschikking voor educatieve, wetenschappelijke en administratieve doeleinden.
Op dit ogenblik heeft elke student aan de PHL een laptop ter beschikking. Docenten gebruiken de digitale weg om te onderwijzen en te communiceren met hun studenten. Studenten gaan via het internet zelf op zoek naar informatie en voor de student is de elektronische leeromgeving heel gewoon geworden. En dat alles voor alle departementen van de school door middel van een draadloos netwerk.De PHL wenst terzake:
- beveiligingsmaatregelen te nemen die zowel de individuele student als de PHL en haar partners moeten beschermen;
- afspraken te maken om misbruiken te vermijden en om efficiënt en goed gebruik van o.a. het netwerk en de systemen te garanderen;
- zowel rechten als de verplichtingen van alle betrokkenen vast te leggen.De hierna vastgelegde policy voor studenten is van toepassing op alle ICT-middelen, IT-infrastructuur en elektronische communicatiemiddelen die door de PHL ter beschikking van de studenten wordt gesteld. De policy geldt evenzeer voor ICT-middelen, al dan niet eigendom van de PHL die men in relatie met de PHL gebruikt (bv. e-mail, netwerkprogrammatuur, interne en externe netwerken, internet, leerplatformen, ...) en voor alle gegevens die door die systemen worden verzonden of erin worden opgeslagen.
Deze gedragslijn is goedgekeurd door de Studentenraad op 03.02.2004.
Regels voor het gebruik
De PHL levert heel wat inspanningen om de laptops en andere ICT-middelen en diensten aan een zo laag mogelijke prijs aan te bieden en de instapdrempel voor alle studenten zo laag mogelijk te houden. Het goede gebruik van de ter beschikking gestelde diensten en middelen is een essentieel element in de verdere uitbouw van deze inspanningen.
De in deze policy vastgestelde regels moeten een waardig en gedisciplineerd gebruik van de ICT-middelen waarborgen.
Geoorloofd gebruik
Studenten mogen informatie uitwisselen, hun mening uiten, kortom de ICT-infrastructuur van de PHL al dan niet door middel van hun laptops benutten, zolang dit strookt met de wetgeving en met een algemeen gevoel voor etiquette, respect en hoffelijkheid.
Elke student heeft hier een verantwoordelijkheid ten opzichte van zijn medestudent, ten opzichte van de hogeschool in haar geheel en ten opzichte van de maatschappij.
De PHL laat aan studenten het gebruik van de ter beschikking gestelde ICT-middelen toe voor zover dit gebruik in overeenstemming is met deze policy en de bestaande wetgeving.
De PHL van haar kant engageert zich om ervoor te zorgen dat een aantal basisdiensten en behoeftes ingevuld worden, bv. het voorzien van een e-mailadres, het ter beschikking stellen van laptops tegen een voordelige huur- of koopprijs, het draadloze netwerk.
Ongeoorloofd gebruik
De communicatiemiddelen die door de PHL ter beschikking worden gesteld, mogen in geen geval worden gebruikt om ongeoorloofde informatie te verwerken of te communiceren:
- in de eerste plaats kan de verwerking van bepaalde informatie in strijd zijn met de wet;
- soms is de informatieverwerking niet strijdig met de wet, maar kan ze niet aanvaard worden omdat ze de instelling schaadt;
- ten slotte kan informatieverwerking ongeoorloofd zijn omdat ze hinderlijk is voor anderen.1. In de eerste plaats zal elke student ervoor zorgen dat informatieverwerking en –communicatie steeds in overeenstemming is met de wetgeving. Zo is het bv. alleszins verboden:
- informatie te verspreiden of op te slaan in strijd met de geldende wetgeving, zoals de wetgeving op de bescherming van het persoonlijke leven in het domein van de telecommunicatie of met de bepalingen van de wetgeving over de handelspraktijken die betrekking hebben op commerciële communicatie;
- programmatuur te installeren of te gebruiken waarvoor de bevoegde autoriteit geen toestemming heeft verleend of waarvoor het gebruik juridisch niet is geregeld;
- de wetgeving over het auteursrecht en andere intellectuele rechten te schenden;
- informatie te verwerken of te verspreiden die in strijd is met de wetgeving ter bestrijding van het racisme of die in het algemeen beledigend of lasterlijk is voor andere personen;
- informatie te verwerken of te verspreiden die in strijd is met de goede zeden;
- acties te ondernemen die strafbaar zijn onder de wetgeving tegen informaticacriminaliteit zoals acties die de beveiliging van systemen of informatie in het gedrang kunnen brengen, zoals interne en externe systeem en netwerkbeveiliging omzeilen, schadelijke software (bijvoorbeeld programma’s besmet met virussen) op de computers van de PHL installeren, zich toegang verschaffen tot systemen waartoe men niet geautoriseerd is;
- een valse identiteit aan te nemen op het netwerk.2. In de tweede plaats zal elke student bij de verwerking en de verspreiding van informatie rekening moeten houden met de belangen en de gevoeligheden eigen aan de PHL, haar personeelsleden en studenten.
Als voorbeelden van dit soort informatie kan men vermelden:
- informatie die het imago van de PHL schendt, of haar in het algemeen zowel moreel als economisch kan schaden;
- informatie die een pornografisch of uitgesproken erotisch karakter heeft;
- informatie die als vertrouwelijk betiteld wordt of die wegens de aard ervan redelijkerwijze als vertrouwelijk moet worden beschouwd, zoals briefgeheim, persoonlijke gegevens door te geven aan personen die niet gerechtigd zijn om deze informatie te ontvangen.3. In de derde plaats zijn er vormen van informatieverwerking en communicatie die andere gebruikers kunnen hinderen of het goed functioneren van het netwerk in het gedrang kunnen brengen.
Voorbeelden van dergelijke verboden informatieverwerking of communicatie zijn:
- buiten de gevallen van de normale bedrijfscommunicatie, massaal ongewenste of ongevraagde elektronische post (spam) of kettingbrieven te verspreiden en dit in strijd met de wet van 11 maart 2003 betreffende de informatiemaatschappij;
- schadelijke software (zoals Trojaanse paarden, virussen, wormen, …) op de systemen van de PHL te ontwerpen, willens en wetens te installeren en/of andere gebruikers aan te zetten deze software te gebruiken;
- om ICT-apparatuur die niet eigendom is van de PHL aan te koppelen zonder voorafgaandelijke toestemming van het lokale systeem of netwerkbeheerder.
De verantwoordelijkheid van de student
De student heeft, voor zover van toepassing, een aantal verantwoordelijkheden op het vlak van:1. Het gebruik van de ICT-middelen:
- in goede toestand bewaren van de ICT-middelen die ter beschikking gesteld werden;
- niet onbeheerd achterlaten van de ter beschikking gestelde ICT-middelen en het nemen van voldoende veiligheidsmaatregelen om diefstal ervan maximaal te verhinderen;
- nemen van voldoende veiligheidsmaatregelen die de mogelijkheid tot het inbreken op de systemen van de PHL en diefstal van vertrouwelijke informatie zo klein mogelijk maakt, bijvoorbeeld:
- het afsluiten van de studeer- en leefruimte bij het verlaten voor een bepaalde periode,
- het activeren van de schermbeveiliging van de PC/werkstation,
- het uitloggen bij het verlaten van een werkstation in de PC-klassen, bib, enz.2. De veiligheid van de gegevens die bewaard worden op de systemen: verifiëren of de ontvangen informatie vrij is van alle virussen die de bedrijfszekerheid van de systemen in gedrang kunnen brengen.
- Het is verboden om de geïnstalleerde virusscanner uit te schakelen tenzij in zeer uitzonderlijke gevallen na uitdrukkelijke toestemming van de systeembeheerder.
- Het is verboden om op de eigen laptop zonder virusscanner te werken of om deze software af te zetten behoudens de uitzonderingen die expliciet worden toegekend. Het is bovendien belangrijk dat deze software regelmatig wordt geactualiseerd. De student kan dit downloaden of laten installeren.
- Geconfronteerd met een virus, een verdachte e-mail of een verdacht document, moet onmiddellijk gestopt worden met werken en moet deze verdachte e-mail of document verwijderd worden, eventueel moet er contact opgenomen worden met de verantwoordelijke systeembeheerder.
- Programmatuur en gegevens verkregen via een extern netwerk of verschaft op draagbare media (diskettes, zipdisks, cd-rom’s, …) moeten gecontroleerd worden op virussen en Trojaanse paarden.
- Bij de installatie van programmatuur moet steeds met de grootste voorzichtigheid te werk gegaan worden.
- Programmatuur van twijfelachtige oorsprong mag niet geïnstalleerd worden op systemen waar vertrouwelijke of kritische informatie bewaard of verwerkt wordt.3. Melden aan de systeembeheerder van incidenten, lacunes in de beveiliging van het computersysteem of van methodes die de beveiliging van de gegevens in het gedrang brengen. Derden mogen hiervan niet op de hoogte worden gebracht. Het uitbuiten van deze zwakheden wordt beschouwd als poging tot inbraak.
4. Op regelmatige tijdstippen lezen van zijn/haar e-mail van het type voornaam.naam.@phl.be of voornaam.naam@mail.phl.be en het opruimen en eventueel archiveren van zijn/haar postbus. De systeembeheerder kan ingrijpen op de omvang van de mailbox en e-mail weglaten als de beschikbare individuele capaciteit overschreden wordt.
5. Het voorzichtig omgaan met het doorgeven van zijn/haar persoonlijke gegevens zoals zijn/haar e-mailadres.
6. Het voorzichtig omgaan met bestanden van onbekende oorsprong zoals bijlagen.
7. Het respecteren van algemeen geldende beleefdheidsregels (netiquette).
8. Bij twijfel moet steeds contact worden genomen met de systeembeheerder.
Toegelaten persoonlijk gebruik van ICT-middelen van de PHL1. De PHL laat binnen redelijke perken het persoonlijke gebruik van ICT-middelen van de PHL toe, met dien verstande dat de hogeschool zich uitdrukkelijk het recht voorbehoudt, wanneer dit om organisatorische of technische redenen vereist is of wanneer dit wettelijk bepaald is, om:
- de ter beschikking gestelde ICT-middelen te herzien en als nodig te beperken of op te schorten (cf. de te installeren internet contentfilter);
- de gemaakte kosten voor persoonlijk gebruik op de gebruiker te verhalen.2. Onder toegelaten persoonlijk gebruik van ICT-middelen binnen redelijke perken wordt verstaan dat:
- anderen door dit gebruik niet mogen gestoord worden bij de uitoefening van hun activiteiten;
- er geen kosten aan verbonden zijn voor de PHL;
- het persoonlijke gebruik van de ICT-middelen geen nadelige invloed heeft op de studiedoeleinden waarvoor de ICT-middelen worden ter beschikking gesteld.
Wachtwoorden en login-namen1. Toegang tot de computerinfrastructuur en het netwerk wordt normaal verleend door individuele authentificatie. Eenmaal aangesloten op het netwerk of computersysteem dat beschermd is met behulp van een wachtwoord, dient men zich te houden aan de regels met betrekking tot het omgaan met informatie. Hier gelden de volgende regels:
- de login-naam moet worden bescherm met een goed gekozen wachtwoord;
- niemand mag zijn wachtwoord aan derden doorgeven en/of door derden laten gebruiken en niemand mag de loginnaam van een ander gebruiken;
- wachtwoorden van anderen proberen te kraken of te achterhalen, is verboden;
- het is niet toegelaten om wachtwoorden in zichtbare vorm (post-it, …) op te slaan;
- er dient omzichtig omgegaan te worden bij het ingeven van wachtwoorden.2. Iedere gebruiker is verantwoordelijk en aansprakelijk voor alles wat onder zijn/haar gebruikersidentificatie en wachtwoord gebeurt.
3. Alle draagbare computers die vertrouwelijke informatie over de PHL bevatten, moeten consequent worden beschermd met een opstartwachtwoord en een schermbeveiliging om de inhoud van de gegevens zo optimaal mogelijk te beveiligen.
Omgaan met informatie1. De gedragslijn geldt voor alle informatie ongeacht de vorm waarin deze wordt
- kenbaar gemaakt (op papier, in elektronische vorm, via mondelinge communicatie, …);
- opgeslagen (tekst, administratieve systemen, gegevensbanken, website, toetsen leerplatformen, …);
- verspreid (e-mail, website, fax, telefoon, …).2. De gedragslijn gaat ervan uit dat elke student verantwoordelijk is voor de informatie die hij/zij beheert en voor de informatie die hij/zij opvraagt voor de uitvoering van zijn/haar studietaken. Het gebruik van dergelijke informatie is beperkt tot wat voor de uitvoering van het onderwijs en vormingsopdracht vereist is. Behoudens andere expliciete regels, zijn de toelatingen tot toegang tot de toepassingen en de gegevens op de computersystemen van de PHL individueel en niet overdraagbaar.
Bepaalde informatie is vertrouwelijk en moet met bijzondere aandacht worden behandeld. Om te bepalen in welke mate informatie vertrouwelijk is, moet men zich eerst afvragen wat, in het algemeen, het potentiële risico is van een ongepaste verspreiding en wat voor de PHL in het bijzonder de gevolgen zijn zoals:
- het verlies van economische waarde, bijvoorbeeld informatie over de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten, onderzoeksgegevens of meer algemeen informatie, ongeacht de vorm waarin deze is opgeslagen, waarvan de hogeschool rechthebbende is;
- de aantasting van het imago, bijvoorbeeld verspreiding van gevoelige informatie die tot negatieve publiciteit leidt;
- een inbreuk op de wetgeving en interne reglementering, bijvoorbeeld de geldende wetgeving ter bescherming van de intellectuele in het bijzonder de wet op de auteursrechten en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (privacy) en de verwerking van de persoonsgegevens dient strikt nageleefd te worden. Bijvoorbeeld salaris en andere betalingsgegevens, gegevens betreffende personeels- en studentenadministratie, medische gegevens, examenresultaten;
- een inbreuk op een akkoord van niet-verspreiding, bijvoorbeeld de overdracht van informatie afkomstig van derden die onderworpen is aan een akkoord tot niet verspreiding.Ongeacht de vertrouwelijkheidgraad van de informatie in kwestie moet aan de informatie bijkomend ook een bepaald toegankelijkheidsniveau toegekend worden. Het is bijvoorbeeld zo dat niet alle informatie die als niet vertrouwelijk wordt bestempeld ook openbaar of publiek gesteld dient te worden.
Bij twijfel dient informatie als vertrouwelijk aanzien te worden ongeacht of er al dan niet een vertrouwelijkheidlabel op aangebracht is.In principe mag geen vertrouwelijke informatie buiten de PHL bijgehouden worden (bijvoorbeeld op een persoonlijke PC). Dat is bijvoorbeeld wel toegestaan voor studiegerelateerde activiteiten, maar dat enkel gedurende de tijd dat dit strikt noodzakelijk is en wanneer de omstandigheden dit vereisen. Zodra niet meer voldaan is aan die voorwaarden moet die informatie naar gelang van het geval teruggebracht, verwijderd of vernietigd worden.
Speciale aandacht wordt gevraagd voor verwijderbare media zoals back-ups en papieren documenten die vertrouwelijke informatie bevatten.Deze moeten steeds veilig opgeborgen worden. Bij vernietiging en eventueel herbruik van ICT-middelen dient erop gelet te worden dat deze ICT-middelen geen vertrouwelijke informatie meer bevatten. Bij de vernietiging van vertrouwelijke papieren documenten dient men er zich bovendien van te vergewissen dat deze vernietiging gegarandeerd is.
Tenslotte wordt er op gewezen dat alle informatie die via het netwerk verstuurd wordt in principe gelezen, gewijzigd of hernomen kan worden tenzij specifieke maatregelen getroffen worden. Gebruikers dienen er zich van bewust te zijn dat de meest gangbare protocols op het intranet/internet geen ingebouwde technieken bevatten die de vertrouwelijkheid van de berichten waarborgen. Tijdens de overdracht kan informatie op verschillende manieren gelezen, gewijzigd en/of vervalst worden. Gebruikers die toch vertrouwelijke gegevens veilig wensen te verspreiden, bijvoorbeeld d.m.v. elektronische post, dienen bijkomende maatregelen te nemen.
Toezicht en controle
Principieel recht op controle
Binnen de wettelijke grenzen kan de PHL controle uitoefenen op gegevens die men opslaat, verstuurt of ontvangt via het netwerk van de PHL. Zelfs wanneer dit gebruik binnen de persoonlijke levenssfeer valt. Hieronder valt ook het telefoon- en faxgebruik.Zo is er bijvoorbeeld de controle die inherent is aan het beheer van het informaticasysteem zelf om de goede werking van het internet te waarborgen, om overbelasting of om virusproblemen te voorkomen.
In het kader hiervan zal de PHL zoals hoger al vermeld om een betere controle te krijgen op het internetverkeer een internetcontentfilter installeren. Door de installatie van deze filter zullen bepaalde websites beperkt of niet meer toegankelijk worden gemaakt. Dit systeem maakt het echter ook mogelijk om in tijd, per gebruiker, per groep van gebruikers, per netwerk het internetgebruik te registreren en te controleren.
In alle gevallen gaat het om controles die een superviserende functie hebben. Deze controles kunnen slechts uitgevoerd worden door geautoriseerde netwerkbeheerders en enkel door deze.
De controle moet gebeuren op een wijze dat inmenging in de persoonlijke levenssfeer tot een minimum beperkt wordt en is enkel toegestaan voor een of meer van volgende specifieke doeleinden:
- het voorkomen van ongeoorloofde feiten, feiten die strijdig zijn met de goede zeden of de waardigheid van een andere persoon kunnen schaden;
- de bescherming van de economische, handels- en financiële belangen van de PHL die vertrouwelijk zijn, alsook het tegengaan van ermee in strijd zijnde praktijken;
- de veiligheid en/of goede technische werking van het geheel van ICT-middelen van de PHL met inbegrip van de controle op de kosten die ermee gepaard gaan, alsook de fysieke bescherming van de installaties van de PHL;
- het te goeder trouw naleven van de in de PHL geldende beginselen en regels zoals opgesomd in h. 2.
Directe en indirecte individualisering
Individualisering betekent dat mag worden nagegaan wie concreet voor een onregelmatigheid verantwoordelijk is met het oog op het nemen van eventuele maatregelen of sancties. Individualisering is uitsluitend toegelaten voor de 4 vermelde doeleinden.1. Directe individualisering
Vooral het onmiddellijk, zonder enige formaliteit opsporen van de individueel verantwoordelijke persoon, met mogelijke sanctionering in overeenstemming met de tuchtprocedure, kan enkel indien de controle verband houdt met de onder 4 A vermelde doeleinden 1, 2 en 3.2. Indirecte individualisering
Wanneer het gaat om de controle op de te goeder trouw naleving van de in de PHL geldende regels en beginselen betreffende het gebruik van de technologie wordt een waarschuwingsprocedure in acht genomen die hoofdzakelijk tot doel heeft de student op de hoogte te brengen van een onregelmatigheid en van het feit dat individualisering met mogelijke opstarting van de tuchtprocedure zal plaatshebben wanneer een nieuwe onregelmatigheid wordt vastgesteld.De volgende procedureregels dienen hierbij in acht te worden genomen:
- De voor de onregelmatigheid verantwoordelijk geachte student wordt door het departementshoofd uitgenodigd voor een gesprek.
- Dit gesprek heeft plaats vóór iedere beslissing of evaluatie die de student individueel kan raken.
- Het gesprek heeft tot doel de student de kans te bieden zijn bezwaren met betrekking tot de voorgenomen beslissing of evaluatie uiteen te zetten en hem verantwoording te vragen over zijn gebruik van de hem/haar ter beschikking gestelde ICT-middelen en andere communicatiemiddelen.
Opvolging
De richtlijnen in deze policy hebben betrekking op ICT-middelen en andere communicatiemiddelen die steeds aan evolutie onderhevig zijn. Deze policy kan daarom in de toekomst aangevuld of aangepast worden. Om de twee jaar of telkens als de situatie het vereist, komt een commissie samen bestaande uit de verantwoordelijke netwerkbeheerder, verantwoordelijke juridische dienst, hoofd studentenadministratie, de directeur informatie, de adjunct directeur en de algemene directeur met als doel om de policy en het beveiligingsbeleid te toetsen en aan te passen aan de nieuwe situatie en aan de bestaande wetgeving. Het nieuwe voorstel wordt opnieuw ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Bestuur, na advies van de Studentenraad.
De PHL behoudt zich het recht voor op ieder ogenblik dit beleid aan te passen. Wijzigingen worden meegedeeld aan alle rechtmatige gebruikers.
Artikel 16. Deelname studentenenquêtes
Door je inschrijving aan de PHL verbind je je ertoe deel te nemen aan de studentenenquêtes betreffende kwaliteitszorg.
Artikel 17. Verbod gebruik GSM en laptop tijdens examens
Tijdens de examens is het voor de studenten verboden om in het bezit te zijn van een GSM-toestel of laptop, tenzij anders bepaald. Studenten mogen tijdens de examens op generlei wijze informatie uitwisselen; ook het opzetten van een ad hoc netwerk tijdens laptopexamens is geenszins toegestaan.
De studenten van het dpt. PHL-Healthcare zijn zich bewust van het feit dat ze met (potentieel) gevaarlijke materialen werken en dat zij dit op een verantwoorde manier dienen te doen. Dit geldt voor de activiteiten in aanwezigheid van een lesgever alsook buiten diens aanwezigheid. Aan studenten die deze verplichting niet naleven, kan een tuchtsanctie worden opgelegd.
Artikel 18bis. Specifieke leefregels in dpt. PHL-Business
Voor dit departement wordt bijkomend verwezen naar het document ‘Leefregels in dpt. PHL-Business’ waarin bijkomende plichten, verwachtingen en afspraken t.a.v. studenten van dit departement zijn opgenomen.